Een met humor geschreven column maar het is natuurlijk wel ernstig!

 

Column Marja Morskieft over de participatiewet.

 

Marja op scootmobiel met microfoon voor in de zaal

De Pé-Wet.

De eerste week van januari 2015.
De warme deken van de Participatiewet wordt over Nederland uitgespreid. Iedere kreukel, hoogbejaarde of carrièrejager met pech -onderweg die zorg en welzijn nodig heeft zal van nu af aan allereerst door de liefdevolle aandacht van de omgeving en vervolgens door de efficiënte en kostenbewuste ondersteuning van de gemeente geholpen worden.
Daartoe zijn uitgebreide opvoed – en bewustwordingscampagnes opgezet. Iedere buurtbewoner heeft nu geleerd alert te zijn op hulpvragen uit zijn  of haar omgeving en adequaat te handelen. Er kan zómaar iemand uit je straat incontinent worden! Dan dien je klaar te staan om 5 keer per dag luiers te verwisselen bij je bejaarde achterbuurman, zijn teckels uit te laten en zijn whiskyglas bij te vullen, zegt de Participatiewet. Pas als dat niet lukt, komt de gemeente om de hoek kijken.

Die heeft inmiddels allerhande zorg – en welzijnstaken ondergebracht bij de ondernemers met de fraaiste presentaties, de veelbelovendste productcombinaties en de laagste kostprijzen.

Vanaf 1 januari 2015 begeef ik mij dus schichtig door de buurt. Ik zit kaarsrecht op mijn scootmobiel omdat ik bang ben dat iemand mijn scheefhangen niet toe zal schrijven aan een toevallige zere heup die dag, maar aan een ‘zorgbehoefte’ en zich dus, daartoe verplicht door de Pé-wet, hardhandig om me bekommert en me rechttrekt.

Ik kijk ook recht voor me uit en veins andere hulpbehoevenden niet te zien. Stel je voor dat het gezin hiertegenover me vraagt boodschappen voor hen te doen! Twaalf flessen cola op mijn scoot omdat ze zich daar gezond bij voelen! Ik heb wel wat beters te doen.

Zoals zorgen dat de stoet zorgverleners gecoördineerd mijn huis doorloopt bijvoorbeeld. ’s Morgens komt de glazenwasser van bedrijf Wakker met Water mijn ramen doen en mij douchen. Met dezelfde spons. Vooral dit argument deed het ‘m bij de aanbesteding. Zoveel goedkoper dan de thuiszorg. En je hebt maar één keer zeep nodig.

Daarna komt er een vrijwilliger in het kader van het innovatieproject Comfortzorg : zorg wordt hierbij losgekoppeld van de zorghandelingen als wassen en verplegen, en bestaat in dit geval uit menselijke warmte, respect, betrokkenheid. Een kwartiertje van deze waarden, daar moet ik genoeg aan hebben volgens de functiegerichte indicatiestelling van de keukentafelambtenaar. Eén keer per week kan ik ’s middags een uurtje gezelligheid bij de thee geïndiceerd krijgen, maar ach, daar is weer een herindicatie voor nodig en daar heb ik even geen puf voor. Ik heb het druk.
Want na de vrijwilliger komt schoonmaakbedrijf Groenpoets met een bladblazer mijn huis schoonblazen. Als ze tijd over hebben nemen ze de tuin mee. Wat die thuiszorgtechnologie al niet voor verrassende voordelen biedt! En goedkoper kon de gemeente het niet krijgen.

De vuilophaaldienst is inmiddels een joint venture aangegaan met de catering van de voetbalkantine en komt me ’s avonds een warme hap brengen. Na tien minuten, tijd is geld, nemen ze de berenhap weer mee. Héél goed voor mijn overgewicht en met dit zorgarrangement wordt er ook aan mijn welzijn gewerkt: het zijn aardige jongens en goed gespierd, die vuilnismannen. Zitten echt in hun kracht.

Zo ziet men maar dat minder financiële middelen en zorgcapaciteit een leuk leven voor de mens met zorgbehoefte niet in de weg hoeft te staan.
De gemeente doet er álles aan om mij erbij te houden. Ik geniet er met volle teugen van.
Al kom ik de laatste tijd niet veel meer buiten. Ik ben als de dood dat mijn overbuurman, de blowende Nomad, die al een jaar een muur om zijn tuin aan het bouwen is, me verzoekt stenen te sjouwen en cement aan te maken. Onder de Pé-wet mag ik dit niet weigeren!
We zijn immers sámen verantwoordelijk voor elkanders welzijn?
Stiekem heb ik de Pé erin….

Marja Morskieft- September 2014